Archief voor maart, 2010

Redneck hamburgerpers

Sommige ideeën zijn te simpel om te verzinnen voor mensen zoals ik. Begrijp me niet verkeerd, ik bedoel daarmee dat ik gewoon niet verder kijk dan mijn neus lang is. Gelukkig hebben we tegenwoordig internet, zodat ik de goede ideeën niet zelf hoef te verzinnen maar gewoon tegenkom tijdens het surfen. Eén van die ideeën geeft het antwoord op de vraag: hoe maak ik een mooi gevormde hamburger?

Hamburgers zijn lekker, en gemakkelijk te maken. Probeer ze alleen maar eens mooi te vormen. Het worden altijd van die grillig vormgegeven, iets te dikke schijven. Eigenlijk een platte gehaktbal. En dat is nu juist wat we niet willen!

Noskos (daar is hij weer) had het ultieme idee: de Redneck Hamburgerpers! Men neme een blik Jodenkoeken. Eet alle koeken op en bewaar het deksel van het blik. Dit deksel, beste lezer, is vanaf nu uw hamburgerpers! Plaats het deksel ondersteboven op het werkblad. Deponeer er vershoudfolie in en druk er de juiste hoeveelheid gehakt in. Eenmaal gevuld de randen van het folie er overheen slaan, omdraaien en stevig aandrukken. Zie hier uw 150 grams perfect gevormde burger, hygiënisch verpakt.

Delen

Tandoori Chicken

Een vriend wees me op een fijne uitgebreide toko in centrum Schiedam. Geen plek waar ik graag kom, Schiedam, maar nood breekt wet. Met potten vol fenegriekblad, garam masala, turmeric, kurkuma en tandoorikruiden verliet ik het pand.

Tandoori chicken.

Meng de tandoorikruiden met yoghurt. Goed proeven: het mag best een beetje pittig wezen. Snijd wat kipfilets in blokjes en marineer in het tandoorimengsel. Voeg naar smaak wat koriander en chili toe. Knoflook wil ook nog weleens helpen. In dit geval heb ik de kip uitgestald op een aluminium schaal, geflankeerd door ananas en paprika. Halfuurtje indirect op de Weber is voldoende. Voeg naar smaak rookhout toe. Vooral aan de ananas geeft dat een heel apart smaakje. Grill niet te lang: door de marinade is de kip lekker mals. Te lang grillen maakt de kip taai.

Het geheel geserveerd met een champignon/rijstcurry en ananas in yoghurt. Flesje rosé erbij. En dankzij de zomertijd: een aangename temperatuur en voldoende licht om bij te werken.

klaar voor op de weber

half uurtje later.....

mise-en-scène op het bord

Meatloaf – an American original

We hebben ‘m al eerder behandeld als ik me niet vergis. Maar ik wil jullie deze niet onthouden. Prima bbq-weertje natuurlijk gisteren. Verder niks speciaals in huis gehaald, dus koken à l’improviste uit de vriezer. Wat treffen we aan? Pond half-om-half van een goede slager. In de koelkast nog een mooie stapel bacon en op het aanrecht wat groente. Daar kunnen we wat mee: aan de slag!

  • (ruim) pond gehakt
  • kruidenmengsel (in dit geval mexicaans)
  • ei, paneermeel, peper, zout en knoflook naar smaak, drupje tabasco is ook lekker
  • ui, paprika, tomaat
  • geraspte kaas
  • bacon

Bekleed een ovenschaal met de plakjes bacon. Laat ze ruim over de rand hangen. Meng het gehakt met het ei, de paneermeel, de knoflook en de kruiden. Druk driekwart van het gehakt in de ovenschaal, ook tegen de randen zodat er een bakje ontstaat. Vul de holte met de in stukken gesneden uien, paprika en tomaat. Dek af met een mooie laag geraspte kaas – ik gebruikte oude kaas voor een beetje pit. Gebruik de rest van het gehakt als deksel: druk goed aan een bedek met de overlappende bacon. Keer de ovenschaal op een aluminium grillschaal (van de Xenos ofzo), bestrijk de bovenkant met een beetje olijfolie en kruid naar smaak (bijvoorbeeld provencaals). De hele handel in de koelkast tot gebruik.

Webertje aansteken. Kooltjes aan één kant, onderrooster afdekken met folie. Beetje knijpen tot 170 à 180 graden. In eerste instantie ruim rookhout op de kooltjes (hickory in mijn geval), en dan de schaal met meatloaf erop. Reken op een uurtje tot vijf kwartier voor optimaal resultaat. Lekker met gebakken aardappels! Een stevige rosé erbij wordt van harte aanbevolen. Het lijkt wel lente!

Rosbief

Ja, ja…….ik weet het. De afgelopen tijd heb ik niet zoveel van me laten horen. Maar….het is nou ook niet zo’n lekker weer geweest de laatste tijd. Nou laat ik me niet snel tegen houden door een beetje minder weer, maar die sneeuw en zo vond ik maar niks.

Afgelopen weekend heb ik echter de 57 weer uit het vet gehaald. Er stond Rosbief op het menu. Nog nooit gedaan omdat iedereen mij altijd vertelde “dat is moeilijk”.  En…..dat is ook zo. Of in ieder geval….het luistert heel nauw.

De voorbereiding is geen kunst.

Bij de Sligro een mooi stuk rosbief gekocht. Eerst een beetje peper en zout, daarna de bovenkant geheel ingesmeerd met fijne mosterd.  (mag best wat dikker worden aangebracht).

Daarna fijngehakte kruiden zoals peterselie, thijm en koriander, je kunt nemen wat jou lekker lijkt, in de mosterd gedrukt, zodat er een volledig groene bovenkant ontstaat.

De barbecue aansteken, indirect, en de temperatuur op ca 160 graden brengen.

Het is van belang dat de temperatuur gelijkmatig blijft. Breng een thermometer aan zodanig dat de punt van de thermometer in het midden van het stuk vlees zit. De begin temperatuur van het vlees was in dit geval 11 graden.

Nu was het alleen nog maar een kwestie van precies op tijd het vlees van de BBQ afhalen.

Dit moet op het moment dat de temperatuur 48 graden is. Daarna nog een kwartiertje tot 20 minuten laten rusten in folie. In die tijd kan je mooi even de bijbehorende Vlaamse frietjes frituren. De rosbief in mooie dunne plakken snijden en smullen maar. Zie voor het resultaat bijgaande fotootjes. Het maal was helemaal compleet door het toetje; appeltaart volgens het recept van Jan. (nogmaals dank hiervoor Jan!)

B.R.I.N.T.A.

Spare Ribs, al vele malen besproken, ook op dit blog. Kijk maar hier, hier, en hier. Denk je aan barbecueën, dan denk je aan spare-ribs. Vroeger al, wanneer we in m’n ouderlijk huis gingen barbecueën. Mijn vader noemde ze alleen “platte krabbetjes“. Ze werden een nacht lang gemarineerd en vervolgens in een kwartier gecremeerd. En dat was nog lekker ook!

Tegenwoordig grenst het bereiden van een setje spare ribs aan hogere wiskunde. Zoek maar eens op een willekeurige BBQ site. Je komt er ongetwijfeld de term B.R.I.T.U. tegen: “Best Ribs In The Universe”. Met zo’n naam is er weinig meer te verbeteren, eigenlijk is de lol er dan een beetje af. Er moet natuurlijk altijd wat te verbeteren blijven, toch? Maar de perfectie zoveel mogelijk benaderen is natuurlijk wel een mooi doel.

Nu ik iets meer van barbecueën weet (maar nog lang niet genoeg) gaat het er in dit huis iets anders aan toe dan vroeger bij mijn ouders. Afgelopen weekend heb ik weer eens een nieuwe techniek geprobeerd, en ik kan alvast verklappen dat deze zeer goed is bevallen. Mijn wederhelft houdt niet van kluiven, maar vroeg wel om meer!

Bij de Sligro heb ik na een tip van NOSKOS een potje Bone Suckin’ Sauce Rub gekocht. Hun motto: ‘Nuff Said! Dus… Goed, de ribs werden op de gebruikelijke manier geprepareerd: het vlies aan de holle kant werd verwijderd met behulp van keukenpapier voor de grip. Vervolgens werd er de rub op gewreven. Hop, het spul netjes in folie verpakt om een nachtje in de koelkast te bivakkeren.

De volgende dag vroeg in de middag de Q aangestoken met een kleine hoeveelheid kolen. Dit kan met de retratsnettekirb methode of de minion methode. Hou de Q de hele bereidingstijd rond de 120° Celcius en leg de ribs er zo’n 3 uur in. Als het vlees zich dan van het been heeft teruggetrokken komt de tweede fase: leg de ribs met een weinig appelsap en honing in een vuurvaste (evt. aluminium) schaal en dek deze af met aluminiumfolie. In deze fase wordt het vlees gestoomd. Na ½ tot 1 uur komt fase drie: haal de ribs weer uit de schaal en bestrijk ze met honing, vermengd met de gebruikte rub. Zo kunnen de spare ribs nog een klein uurtje op het rooster blijven liggen.

Mijn ribbetjes waren echt om je vingers bij op te eten. Ik wil niet zover gaan om ze de “Best Ribs In The Universe” te noemen, maar dit waren toch zeker de “Best Ribs IN The Area”: B.R.I.N.T.A.!

 

Met dank aan @noskos en @macspiff voor hun goede tips.

Facebook
Beveel ons aan
Zoeken
Categorieën
Tag cloud
Inloggen